In slechts 3 weken was het ontwerp kerkorde gereed. Dit ontwerp werd echter niet voetstoots door de raad aangenomen. Calvijns bedoeling was oorspronkelijk, dat elke maand in ieder van de drie aanwezige kerken het Avondmaal bediend zou worden. Niet de kerkeraad, maar de raad van de stad, bepaalde tenslotte dat het Avondmaal slechts vier maal per jaar gehouden zou worden. Vooral over de bevoegdheid tot excommunicatie was en bleef een heet hangijzer. Calvijn hield staande dat het consistorie (vergadering van predikanten en ouderlingen) deze bevoegdheid had. De raad echter hield vol, dat het consisitorie dien aangaande alleen voorstellen aan de raad kon doen, die het excommunicatierecht aan zich wilde behouden.Dit alles had uiteraard te maken met de levenswandel van de betrokkenen!
Tenslotte werden de “Kerkelijke ordinatiës” tijdens een volksvergadering, gehouden in de St. Pierre
, algemeen aanvaard.
In Calvijns optiek behoorde de kerk de richtlijnen te geven voor het godsdienstige en het maatschappelijke leven. De overheid behoorde de kerk daarin te volgen en met haar gezag de ware dienst van God te bevorderen.
Bij het opstellen van de Ordinanties wilde Calvijn, dat het leven weer zou worden als in de eerste tijd van de Christenheid. Het was hem er om te doen, dat de beginselen van de Bijbel gestalte zouden krijgen in de dagelijkse handel en wandel van de Geneefse burgerij.
Calvijn noemt in zijn kerkorde 4 ambten:
De predikanten bedienen het Woord en de Sacramenten. Zij vormen met elkaar de “Vénérable compagnie de pasteurs”. Met het tweede ambt bedoelde Calvijn de leraren in de scholen en later zij, die werkten aan de opleiding van de predikanten. De ouderling vormt voor hem het derde ambt. Volgens Calvijns ambtsopvatting bekleedt de ouderling de centrale plaats in de regering van de kerk. Aan deze ambtsdrager is het opzicht over de levenswandel van de leden van de gemeente toevertrouwd. De ouderling gaat om dit opzicht uit te oefenen op huisbezoek.
- Predikanten
- Doctoren of Leraars
- Ouderlingen
- Diakenen
Het vierde ambt is dat van de diakenen.
Calvijn kende twee soorten diakenen: De beheerders van de kerkelijke fondsen. De verzorgers van zieken en behoeftigen.
Er was een hospitaal met twee afdelingen:
Een ziekenhuis.
Een tehuis voor ouden van dagen en weduwen en wezen.
Verder waren er nog allerlei andere instellingen van liefdadigheid.
Verder bevatten Calvijns Ordinanties nog aanwijzingen voor:
Bediening van Doop en Avondmaal
De huwelijksinzegening
De begrafenis
Het bezoeken van zieken en gevangenen
De catechese voor de jeugd
Deze nieuwe kerkorde van Genève heeft overal in Europa, waar de Hervorming doordrong, veel navolging gevonden.