|
|
Het kerkhof biedt een aanzien dat geheel verschilt van de gebruikelijke begraafplaatsen in Duitsland. Ieder graf is voorzien van een eenvoudige steen met de naam, de geboorte en overlijdensdatum.
Er is geen verschil in rang of stand, rijk of arm in het Koninkrijk Gods.
Boven iedere grafsteen bevindt zich een kleine rozenstruik, gedachtig aan onderstaande verzen uit de profetie van Jesaja.
Een stil getuigenis van de verwachting van Christus' Toekomst.
Jes 35 vers 1 en 2: De woestijn en de dorre plaatsen zullen hierover vrolijk zijn, en de wildernis zal zich verheugen, en zal bloeien als een roos.
Zij zal lustig bloeien, en zich verheugen, ja, met verheuging, en juichen; de heerlijkheid van Libanon is haar gegeven, het sieraard van Karmel en Saron; zij zullen zien de heerlijkheid des HEEREN, het sieraad onzes Gods.
|
|
|
Op de foto is de Friedhofskapelle te zien van waaruit dr. Kohlbrugge door gemeenteleden ten grave is gedragen.
Bij het uitdragen en de gang naar het graf werd geheel psalm 116 gezongen in de Duitse berijming van Jorissen.
Tekenend voor Kohlbrugges geloofsleven is de inhoud van deze psalm, waarvan we hier enkele verzen weergeven in de Nederlandse berijming van 1773.
|
Ik lag gekneld in banden van den dood,
Daar d' angst der hel mij allen troost deed missen;
Ik was benauwd, omringd door droefenissen;
Maar riep den HEER' dus aan in al mijn nood:
,,Och HEER', och wierd mijn ziel door U gered!''
Toen hoorde God; Hij is mijn liefde waardig.
De HEER' is groot, genadig en rechtvaardig,
En onze God ontfermt zich op 't gebed.
D' eenvoudigen wil God steeds gadeslaan.
'k Was uitgeteerd maar Hij zag op mij neder.
Keer, mijne ziel, tot uwe ruste weder:
Gij zijt verlost; God heeft u welgedaan!
|
|